Onderwijsinstellingen in de regio bereiden zich volop voor op de naderende Wet Vrij en Veilig Onderwijs. Deze nieuwe wetgeving, die naar verwachting in augustus 2027 van kracht wordt, is ontworpen om de sociale veiligheid op basis-, middelbare en mbo-scholen structureel te verbeteren. Ook lokaal worden momenteel belangrijke stappen gezet om tijdig aan de strengere eisen te voldoen.
Grip op een veilig schoolklimaat
De nieuwe wetgeving legt de lat voor een veilig leerklimaat aanzienlijk hoger. Scholen worden verplicht om incidenten zorgvuldiger te registreren en sneller te melden. Bovendien wordt de meldplicht bij seksueel grensoverschrijdend gedrag verder uitgebreid en zal er vaker aan leerlingen worden gevraagd hoe zij hun eigen veiligheid ervaren.
Om dit in goede banen te leiden, moet elke onderwijsinstelling straks beschikken over zowel een interne als een externe vertrouwenspersoon en een heldere klachtenregeling. Daarnaast wordt aansluiting bij een landelijke klachtencommissie verplicht. Sociale veiligheid is niet langer een bijzaak, maar wordt een verankerd onderdeel van het beleid, onder leiding van een speciaal aangestelde veiligheidscoördinator.
Lokale aanpak en schoolveiligheidskaart
Ondanks dat de wet pas volgend jaar ingaat, kunnen scholen nu al aan de slag met de voorbereidingen. Landelijk biedt de Stichting School & Veiligheid hierbij de nodige ondersteuning. Breda timmert ondertussen flink aan de weg met de ontwikkeling van een zogeheten schoolveiligheidskaart, gericht op het primair, voortgezet en mbo-onderwijs in de gemeente. Deze kaart moet in oktober van dit jaar klaar zijn.
Bij het vormgeven van de lokale veiligheidsaanpak wordt onder meer geput uit de opgedane ervaringen van het programma ‘Preventie met Gezag’ in de wijk Hoge Vucht. Tijdens het evenement ‘Kansrijk ontwikkelen in Breda’ afgelopen oktober bleek al dat er onder onderwijzers grote behoefte is aan handvatten rondom dit thema. Vanwege deze ruime belangstelling wordt momenteel onderzocht of de lancering van de schoolveiligheidskaart gepaard kan gaan met een bijeenkomst voor al het lokale onderwijspersoneel.








